Algemeen

2 daagse Methode B cursus.

Voorwoord boek Methode B
Na tien jaar werken aan weerbaarheid van kinderen op basisscholen vond ik het nodig om mijn ervaringen op papier te zetten. Niet alle ervaringen, niet alle oefeningen. Maar een methodiek waar iedere leerkracht op het basisonderwijs mee aan het werk kan. Een methodiek dus, die geschikt is om groepsgewijs mee te werken, met oog voor de individualiteit van ieder kind. Sommige onderwerpen zijn bewust weggelaten zijn. Kleuters, speciale kinderen, puberteit en seksualiteit zijn specifieke onderwerpen die meer aandacht behoeven dan ik binnen de opzet van dit basisboek kan geven. Daarom zal ik over deze onderwerpen aanvullend materiaal maken, want ik heb de smaak wel te pakken. Ik hoop dat er veel mensen zullen zijn, die met dit boek uit de voeten kunnen. Want dat zou betekenen dat het veel gebruikt wordt. Dan zullen er veel kinderen zijn, die al jong leren om met prikkels om te gaan, adequaat leren ontspannen en grenzen van zichzelf en van de ander leren herkennen en respecteren. En ik spreek uit eigen ervaring als ik zeg dat kinderen daar blij mee zijn. In de afgelopen jaren heb ik honderden kinderen gezien, in schoolklassen of in groepjes van acht, die zich individueel bij mij hadden opgegeven. Dank aan alle kinderen, die me jong van geest hebben gehouden. Dank aan alle ouders die me hun kinderen hebben toevertrouwd. Bertha Verschueren.

Hoofdstuk 1.2 Methode B
Over het algemeen worden weerbaarheids- of sociale vaardigheidstrainingen gegeven aan kinderen vanaf ongeveer 10 jaar. De achterliggende gedachte hierbij is dat kinderen vanaf die leeftijd voldoende zelfbewustzijn ontwikkeld hebben. Ze zijn in staat om zichzelf in samenhang met hun omgeving waar te nemen. Dat betekent dat ze kunnen reflecteren op hun eigen gedrag en keuzes kunnen maken.

Bij jongere kinderen, vanaf 6 jaar, is het zelfbewustzijn nog minder uitgesproken. Ze ervaren zichzelf vooral als deel van een geheel. Dit bepaalt de wijze waarop met weerbaarheid gewerkt kan worden. Jongere kinderen leren meer vanuit het nadoen, de routine en het herhalen. Dit betekent dat het trainen van weerbaarheid bij jonge kinderen speelser wordt aangeboden. Spelenderwijs raken de kinderen vertrouwd met hun eigen mogelijkheden. Kinderen hebben de natuurlijke hoedanigheid om te (durven) zijn wie ze zijn. Ze worden daarin bevestigd en gestimuleerd tijdens de weerbaarheidstraining. De keuze is uitdrukkelijk voor samengestelde groepen, dus met zowel jongens als meisjes. Het is belangrijk dat jongens en meisjes elkaars patronen leren kennen en herkennen. Werken met een hele schoolklas maakt de klas als groep ook weerbaar. De kinderen trekken tenslotte jarenlang met elkaar op.

Het is een preventief programma, de thema's van de lessen zijn geen probleem thema's, maar juist positieve of neutrale thema's.

1. Houding
2. Ogen
3. Stem
4. Eigenwaarde
5. Grenzen
6. Kracht
7. Intuïtie
8. Samenwerken
9. Uitdaging

Dag 1 is als volgt opgebouwd.

1. Voorstellen middels een spel, dat ook binnen de training wordt gebruikt.
2. Doelen en kernwaarden.

3. Achtergronden:
• Hersenen en prikkels.
• Bewust worden en leren.
• Energieke jongens en vriendelijke meisjes.
• Invloed van de groep.

4. Uitleg opzet per les, per lessencyclus en hoe deze training te verdiepen binnen de school voor de verschillende klassen.
5. Les 1, 2, 3 en 4. We doen alle oefeningen en de variaties die hier zeer eenvoudig op gemaakt kunnen worden.
6. Afsluiten van de dag: wat nemen we mee naar huis.

Dag 2 is als volgt opgebouwd.

1. Les 6, 5, 7, 8 en 9. ( 's Morgens beginnen met grenzenlessen is geen goede start).
2. Certificaat.
3. Afsluiten van de dag: wat nemen we mee naar huis.

 

Design en realisatie: Beynsberger © Copyright 2011 Bertha Verschueren